De opstellers van de ontwerp-NOVI spreken zich onomwonden uit tegen ongecontroleerde groei van wind op land en zonnevelden. Grootschalige wind op zee en zonnepanelen op daken hebben altijd de voorkeur. Verder blijft de deur van Schiphol op Zee op een kier, want de sterke concurrentiepositie van Nederland moet worden gehandhaafd. En de stad, die moet groener. Maar de ontwerp-NOVI is vooral een oproep tot méér samenwerken, tussen stakeholders én bestuurslagen.

Door Marcel Bayer, hoofdredacteur vakblad ROm en Jan Jager, hoofdredacteur Stadszaken.nl. Dit is een verkorte versie van het stuk ‘Verrassend brede Nationale Omgevingsvisie,’ dat binnenkort in ROm verschijnt. ROm is gratis voor ambtenaren ruimte, infrastructuur en milieu bij de rijksoverheid, provincies, gemeenten en waterschappen. Word nu abonnee.

De ontwerp-Nationale Omgevingsvisie (NOVI) is een lijvig document. Ruim 130 pagina’s gevuld met visie op duurzaamheid, leefkwaliteit, verstedelijking, energie en mobiliteit. Wij doken in het document en zetten de belangrijkste speerpunten voor u op een rij. Er liggen grote opgaven, de ambities zijn er niet minder om, maar Nederland wordt nu eenmaal niet groter. Keuzes maken en meer samenwerking zijn dus nodig.

Met de NOVI komt er weer richting in de ruimtelijke ordening van Nederland. De visie ademt op alle mogelijke manieren dat ruimtelijke ordening in samenhang moet gebeuren, met draagvlak in alle beleidssectoren, op alle overheidsniveaus en met alle geledingen in de samenleving. Dat wordt dus nog meer praten. Toch maakt deze omgevingsvisie wel degelijk fundamentele keuzes, op basis van een viertal prioriteiten en drie afwegingsprincipes. Die prioriteiten zijn: ruimte voor klimaatverandering en energietransitie, werken aan een duurzame economie, sterke en klimaatbestendige steden en regio’s, en een toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied.

Combineren van functies gaat boven enkelvoudig ruimtegebruik

Hoe deze nationale belangen ten opzichte van elkaar worden afgewogen, wordt vervolgens situationeel bepaald. Een gebiedsgerichte aanpak is dus het eerste principe. Combineren van functies gaat boven enkelvoudig ruimtegebruik, het tweede principe. Een belangrijke breuk met het verleden, waarin gebieden en locaties in veel gevallen voor één functie werden bestemd. Het derde afwegingsprincipe is dat we keuzes niet uitstellen en zo eerlijk mogelijk verdelen. Afwentelen naar tijd, plaats en bevolkingsgroepen moeten we voorkomen en compenseren als dit vanuit bijvoorbeeld zwaarwegend nationaal belang nodig is.

Anders dan de klassieke nota’s voor de ruimtelijke ordening is de NOVI geen blauwdruk voor de inrichting van Nederland. Vooralsnog gaat het in deze omgevingsvisie om het bij elkaar brengen van beleid, verbinden van financieringsstromen en optimaal draagvlak bij de uitvoering. Ook daarbij worden duidelijke keuzes gemaakt, zoals bijvoorbeeld dat verstedelijking nadrukkelijk gekoppeld wordt aan het OV-netwerk.

Klimaatadaptatie en energie

Integraliteit staat voorop bij alle uitwerkingen, wat betekent dat net als bij de totstandkoming overleg, afstemming en compromissen sluiten het nieuwe normaal zullen zijn. Die integraliteit blijkt meteen al bij de eerste prioriteit: klimaatadaptatie en energietransitie. Inspelen op het veranderende klimaat is een beleidslijn die door de hele visie heenloopt, net als duurzaamheid, een gezonde leefomgeving en erkenning van de waarde van natuur en landschap. Nederland moet in 2050 klimaatbestendig en robuust zijn ingericht, wat betekent dat we moeten inspelen op hogere rivierafvoeren, stijging van de zeespiegel, langere periodes van droogte. In de steden betekent dat meer groen en water, ook om regenwater vast te houden bij hevige buien. Op het platteland en met name in het hoge deel van het land moet meer bergingsruimte voor water komen. Kortom, water en groen worden sterker leidend bij alle facetten van de inrichting van de fysieke leefomgeving.

Wind op zee heeft de voorkeur, maar meer wind op land is ook nodig

Als het gaat om wind op land of zonnevelden spreekt de NOVI onomwonden uit dat dit niet ten koste van het landschap mag gaan. Ook blijkt de overheid in het algemeen goed geluisterd te hebben naar de protesten vanuit de samenleving. Wind op zee heeft de voorkeur, maar omdat daar ook conflicterende belangen spelen, is wind op land een noodzaak. Bij zonnepanelen gelden afwegingsprincipes die primair sturen op zonenergieopwekking op daken en gevels van gebouwen, daarna op onbenutte terreinen, bij voorkeur in gebouwd gebied, en pas in laatste instantie - als niet aan de gestelde energiedoelen voldaan kan worden – komen locaties in het landelijk gebied aan bod.

Duurzame groei

Op het gebied van verbinding met het economisch krachtenveld is de NOVI een nieuwe trendbreuk. Sinds de Vierde Nota en daaropvolgende jaren was ruimtelijke ordening veelal dienstbaar aan de economie, maar nu zijn de rollen omgedraaid. In de NOVI wordt de ambitie uitgesproken dat Nederland in 2050 geheel circulair en CO2-neutraal zal zijn. Het bijbehorend klimaatbeleid en de energietransitie zorgen ervoor dat we anders gaan kijken naar de economie. Duurzaam, circulair, schoon en gezond zijn nu leidende principes.  

Overigens zet de NOVI wel in op het behouden van ruimte voor haven- en  industriegebieden, waarbij wel focus ligt op het verduurzamen van bedrijfsprocessen. Ook het belang van Schiphol wordt benadrukt, daar de luchthaven volgens de NOVI enorm belangrijk is voor de internationale concurrentiekracht. De NOVI doet geen uitspraken over de wenselijkheid van een luchthaven op zee, maar gaat de optie ook niet uit de weg. De deur voor Schiphol op Zee lijkt op een kier te staan.

Sterk en gezond

Vooral in steden en stedelijke regio’s zijn nieuwe locaties nodig voor wonen en werken, maar ook hier is de kwaliteit van leven een randvoorwaarde. Groei moet het liefst binnen de bestaande stadsgrenzen plaatsvinden, zodat de open ruimten tussen stedelijke regio’s behouden blijven. Want open landschap en natuurgebieden zijn voor steden van economische waarde.

Meer groen is het medicijn tegen moderne kwalen

De leefomgeving kan een belangrijke bijdrage leveren aan het verleiden tot een gezonder leefstijl, bewegen, ontspannen, rookvrije gebieden en een gezond voedingsaanbod en het vergroten van het gezondheidspotentieel van kwetsbare groepen, valt te lezen in de NOVI. Dit vraagt om een sterkere samenwerking tussen het ruimtelijke domein en het sociale gezondheidsdomein. De openbare ruimte heeft hierbij een belangrijke katalysatorfunctie, ook voor het bevorderen van interactie tussen stadsbewoners. ‘Groen’ is het medicijn tegen moderne kwalen.

Mobiliteit

Om al die ambities op een relatief klein oppervlak te kunnen realiseren, ligt combinatie van functies voor de hand en is een uitgekiende strategie qua mobiliteit en bereikbaarheid nodig. Locaties van nieuwe kantoren, bedrijventerrein en (groot)winkelbedrijven moeten aansluiten bij het verkeers- en vervoersnetwerk, goed zijn afgestemd op de vraag van bedrijven én de economisch vitaliteit en de kwaliteit en aantrekkelijkheid van stad en land versterken. Bestaande bedrijventerreinen zijn nu nog vaak niet goed aangesloten op het hoofdwegennet. Bij dit dossier schuift het Rijk dan ook nadrukkelijk aan om samen vanuit haar verantwoordelijkheid voor de nationale en internationale infrastructuur en belangrijke speler voor verbetering van het OV met de partner-overheden te werken aan een integrale verstedelijkingsstrategie.

Stadszaken
Stadszaken
Paulus Borstraat 41 3812 TA Amersfoort
redactie@stadszaken.nl