‘In het Bbl wordt een grondslag opgenomen om in de Omgevingsregeling specifieke eisen aan verblijfsvoorzieningen voor gebouwafhankelijke beschermde soorten te kunnen stellen’, schrijft minister Hugo de Jonge aan de Tweede Kamer. 

In het Bbl staan regels over veiligheid, gezondheid, duurzaamheid en bruikbaarheid van bouwwerken. De Jonge wil zo beschermde soorten als huismus, gierzwaluw en een aantal vleermuissoorten meer kansen geven. 

Deze voorgenomen verplichting voor het bouwen met eisen voor beschermde vogels wordt op dit moment samen met de bouwsector en natuurorganisaties uitgewerkt. Daarna volgt internetconsultatie voordat het wordt ingevoerd, aldus minister Hugo de Jonge. 

Initiatiefnota groen in de stad 

Het kabinet komt met de plannen op aandringen van Kamerleden Laura Bromet (GroenLinks) en Derk Boswijk (CDA). Bromet en de voorganger van Boswijk, CDA’er Maurits von Martels, vroegen in een initiatiefnota om meer aandacht voor groen in de stad. 

Het ging in de nota niet alleen over beschermde vogels in een stedelijke omgeving, maar ook over verplicht gebruik van daken, scholing voor bermbeheerders, vergroening van bedrijventerreinen en een norm om rond elk gebouw binnen 350 meter groen te hebben. 

Het verzoek voor vogels in de stad legde Bromet in 2021 ook vast in een aangenomen motie. Bij het debat over de motie in 2021 refereerde ze aan een uitspraak van de directeur van Ballast Nedam: ‘Natuurinclusief wonen moet je gewoon doen. Het mooie is dat het dus vaak ook nog goedkoper is.’