Advertentie
Screenshot van de digital twin. Beeld via Deventer/Esri

Fotorealistische digital twin Deventer is brug tussen leken en nerds

De digital twin van de gemeente Deventer heeft sinds augustus een fotorealistische laag die gebouwen en openbare ruimte supergedetailleerd toont. Dat opent de deur voor nieuwe samenwerkingen tussen technische experts, stedenbouwers, ontwikkelaars en inwoners. ‘Bewoners en ontwikkelaars herkennen nu waar ze naar kijken.’

Met behulp van 2.200 luchtfoto’s wordt de oude Hanzestad Deventer tot in het kleinste detail weergegeven in een digital twin. Ramen, luifeltjes, schoorstenen, zonnepanelen, struiken en bomen, het is allemaal zichtbaar in de digitale omgeving.

Een flink contrast met de digitale ‘blokkendozen’ die veel digital twins nog zijn. De hoogte en omtrek van gebouwen zijn weliswaar in verhouding met de fysieke stad en wegen en rivieren liggen op de juiste plek, maar fotorealistisch zijn ze niet. Volgens softwarebedrijf Esri blijft de inzet van digital twins voor gebiedsontwikkeling, omgevingsplannen en participatieprocessen daardoor achter.

Esri ontwikkelde voor de gemeente Deventer daarom de 3D-mesh, een fotorealistische laag in de digital twin. Met aanvullende data kunnen simulaties worden uitgevoerd. Bijvoorbeeld van de zonpotentie op daken, de impact van begroeiing op een verkeerssituatie en die van nieuwe flats op het aantal zonuren van nabijgelegen woningen. Ook totale gebiedsontwikkelingen kunnen worden ingeladen.


Screenshot van de digital twin. Beeld via Deventer/Esri

'3D-mesh fundamenteel voor stakeholders’

Volgens Gijs Schulkes, accountmanager geo-informatie bij de gemeente Deventer, en Joris Bak, manager productinformatie en data bij Esri, maakt de fotorealistische 3D-mesh de digital twin toegankelijker voor partijen die er nog niet in thuis zijn.

‘De 3D-mesh is belangrijk voor het betrekken van stakeholders als inwoners, gebiedsontwikkelaars en bestuurders. Hiermee herkennen ze het deel van de stad waar ze naar kijken. Hittestress komt beter binnen als een bewoner herkent waar in de wijk dit het meeste speelt’, zegt Bak.

De fotolaag trekt volgens Schulkes nieuwe doelgroepen aan waarmee de gemeente op een betere manier kan samenwerken. ‘Voorheen waren vooral technische partijen bezig met de digital twin, voor het beheer van de openbare ruimte. Straks kunnen we ook veel meer met stedenbouwers, ontwikkelaars, planadviesraden en welstandcommissies.’

‘Over drie jaar de norm’

Aan de fotorealistische laag hangt wel een prijskaartje. Maar een deel van die kosten maken gemeenten toch al, zegt Bak. Zo kostten de luchtfoto’s zo’n 20.000 euro, maar die waren toch al nodig voor het bijhouden van de basisregistratie gebouwen (BAG).

‘Over drie jaar zijn gemeenten niets anders gewend’, meent de accountmanager. ‘Binnen tien jaar zullen alle gemeenten zo’n 3D-mesh in huis hebben.’ De snelheid waarmee andere gemeenten een 3D-mesh toepassen, hangt volgens hem vooral af van de gebruikers die de gemeente wil bedienen en de investeringen die zij erin doen.’

Zo zullen gemeenten moeten investeren in hun IT-systemen en de kennis van hun ambtenaren. ‘Ambtenaren hebben thuis soms zelfs meer computerkracht dan op het werk’, zegt Bak. ‘Waar wij dan mee stoeien, is hoe je zo’n fotorealistische digital twin beschikbaar stelt op gemeentelijke systemen. En hoe je sommige afdelingen de digital twin laat omarmen. Beleidsambtenaren denken toch vaak nog vanuit tekst.’


Screenshot van de digital twin. Beeld via Deventer/Esri

Dit bericht delen via:

Gerelateerde artikelen