‘Het Rijk heeft een huisvestingscrisis gecreëerd rondom statushouders’, zegt Monique Kremer, voorzitter van de Adviesraad Migratie, tegen de NOS. ‘De woningnood wordt niet door statushouders veroorzaakt, maar ze hebben er wel last van. Als het te lang duurt voordat er huisvesting is, heeft dat negatieve gevolgen voor de statushouder, maar ook voor de samenleving. ’ 

Statushouders moeten volgens de adviesraad weer een wettelijke urgentiecategorie zijn, zoals het geval was tot 2017. Dat schrijft de raad in haar onderzoeksrapport. Volgens Kremer geeft het Rijk daarmee het signaal af aan gemeenten dat zij het huisvesten van statushouders belangrijk vindt. 

In het onderzoeksrapport stipt de raad drie problemen aan: de aanpak van de wooncrisis, de crisis in het asielstelsel en de uitvoering van het migratiebeleid op gemeenteniveau. Zij doen tien aanbevelingen om het tij te keren en asielzoekers tijdiger te een woning toe te wijzen. Zij zijn een aanvulling op de overduidelijke noodzaak om in algemene zin meer woningen bij te bouwen, zo staat in het rapport.

Zo moeten overheden onder andere meer investeren in flexibele woonvormen. Dat is aan gemeenten om te ontwikkelen en het Rijk om in te investeren, aldus de raad. Ook wil de adviesraad dat gemeenten vaker en sneller worden geïnformeerd over afwijkingen tussen de prognoses en het daadwerkelijke aantal statushouders dat ze moeten huisvesten.

Verder vraagt de adviesraad om meerjarige regelingen met gemeenten voor het ondersteunen van lokale initiatieven op het gebied van volkshuisvesting voor alle aandachtsgroepen.

In totaal wachten er nu nog zo'n 17.500 statushouders op een woning, veelal in afwachting vanuit een asielzoekerscentrum. Zij moeten worden verdeeld over gemeenten in verhouding met inwonersaantallen. Dat gaat niet altijd uit vrije wil, blijkt uit recente berichtgeving. Staatssecretaris Van der Burg (Justitie en Veiligheid) hoopt volgende week met een wetsvoorstel te komen om die opvang eerlijker over Nederland te verdelen.