Advertentie
Foto: Chernus / iStock

Honderdduizenden Nederlanders overwegen verder van werk te wonen

Ongeveer 4 procent van werkenden overweegt (of heeft al de stap gezet) om verder van werk te gaan wonen nu thuiswerken makkelijker is. Dat is meer dan ruim een jaar geleden. Verder geeft zo’n 2,5 procent geeft aan door thuiswerken te overwegen om werk te zoeken dat verder weg van huis ligt. Dat blijkt uit onderzoek van Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid (KIM), die onderzocht wat de effecten van de coronacrisis zijn op werkmobiliteit. 

Nederlanders werken op dit moment gemiddeld 6,5 uur per week thuis en denken dat dat in de toekomst zeker 6 uur per week zal blijven. Vóór de coronacrisis was dat 3 uur, schrijft KIM in het rapport ‘Heeft COVID geleid tot structureel ander reisgedrag?’ Van de mensen die thuis kunnen werken, geeft het grootste deel aan dat ze zelf mogen kiezen of en wanneer ze naar kantoor komen. 

Niet iedereen kan thuiswerken. Ongeveer de helft van de werkenden zegt dat niet mogelijk is. De meeste mensen die naar hun werk gaan, pakken de auto. Dat is niet anders dan vóór COVID. Wel anders is het gebruik van het ov. Dat is afgenomen voor woon-werkverplaatsingen. Wel pakken meer mensen de fiets, en dan voornamelijk de e-fiets. 

Sinds de start van de pandemie zijn mensen minder positief ten aanzien van de trein en bus, tram en metro. Er is wel een stijgende lijn te zien in het oordeel sinds januari 2021, zegt KIM. Bijna een vijfde van de Nederlanders die wel eens het openbaar vervoer gebruikte, verwacht minder gebruik te maken van het openbaar vervoer vergeleken met de periode voor de pandemie. 

Het onderzoek is uitgevoerd onder een steekproef van ongeveer 2000 panelleden van het Mobiliteitspanel Nederland (MPN). Het MPN bestaat uit een representatieve groep Nederlanders die sinds 2013 jaarlijks over hun reisgedrag worden bevraagd. Dit is inmiddels de achtste meting in het kader van corona. 

Dit bericht delen via:

Gerelateerde artikelen