Opinie: Met dwang bij verduurzaming erkent politiek eindelijk eigen doelstellingen

Begin juni presenteerde minister Hugo de Jonge zijn plannen voor het versnellen van de verduurzaming in de gebouwde omgeving. We mogen gerust stellen dat er wat inspiratie vanuit de coronaorganisatie doorsijpelt. Er spreekt meer urgentie en realisme uit het beleidsstuk. Een verademing waar veel partijen op zitten te wachten, schrijft energie-expert Sven Ringelberg. ‘Er is toenemende dwang om te verduurzamen in de gebouwde omgeving. Zo slecht is dat niet.'

Het beleidsstuk samenvatten is zo gemakkelijk nog niet. In de volle breedte worden acties aangekondigd: van natuur inclusief bouwen, VvE’s ondersteunen, en 1 miljoen hybride warmtepompen tot instemmingsrecht van huurders. Belangrijk om te onthouden is dat het vrijblijvende er echt af gaat. Duurzaam wonen is geen toekomstverhaal meer, maar een kwaliteitseis van nu en daar gaat steeds meer op gestuurd worden.

Meer eisen, meer geld

In vijf grote programmalijnen worden al deze verschillende onderwerpen in de gebouwde omgeving getackeld. Versnelling en normering zijn daarbij sleutelwoorden. Alle type gebouwen in Nederland moeten sneller aan de slag met energiezuinige installaties, isolatie en technieken als de hybride warmtepomp. Daar staat tegenover dat er voor particuliere eigenaren, VvE’s en andere gebouweigenaren meer subsidies komen.

Op isolatie wordt stevig ingezet. Het Nationaal Isolatieprogramma spreekt van 2,5 miljoen woningen isoleren tot aan 2030. Niet alleen subsidies moeten daarbij helpen, maar ook het uitbannen van de energielabels E, F en G bij woningcorporaties. Particuliere verhuurders ontsnappen de dans ook niet langer. Het zal niet lang duren voordat ook hier duurzame eisen voor worden bedacht of huurkortingen worden bedwongen bij slecht geïsoleerde woningen.

Het spoor ‘aardgasvrij’ krijgt een realistischere invulling. Waar jarenlang werd gewerkt aan grote programma’s om wijken van het aardgas af te krijgen, bleek dit in de praktijk beperkt succesvol. Dit ligt niet aan de inzet van betrokkenen, maar aan het ontbreken van benodigde middelen en kaders vanuit de Rijksoverheid.

Ook al mogen we de Warmtewet 2.0 voorlopig nog niet verwachten, meer steun voor collectieve systemen komt er nu wel echt aan. Deze extra subsidiering zou de felbegeerde ‘woonlastenneutrale transitie’ binnen handbereik moeten brengen. Een beetje cynisch is dan wel dan wel de vraag wanneer we woonlastenneutraal ‘vastzetten’. Is dit voor of na de gigantische prijsstijgingen van afgelopen periode. En is dit dan het nieuwe normaal? Een open vraag om over na te denken.

De vijf programmalijnen voor de verduurzaming van de gebouwde omgeving, via Rijksoverheid.

Meer dan alleen energietransitie

Het beleidsstuk kijkt niet alleen naar de ‘energietransitie’, maar staat ook stil bij de noodzaak om natuurinclusieve bouw te versnellen, biobased materialen ruimte te geven, en vergeet klimaatadaptatie en de koelingsopgave niet. Wel is duidelijk dat concreet beleid komende periode nog uitblijft op deze thema’s. Veel is nog onduidelijk en ondanks de wens meer eigen te stellen, moeten deze eerst zorgvuldig worden bepaald.

Eén van mijn eigen suggesties zou zijn biobased isolatiematerialen meer te subsidiëren of fiscaal te stimuleren ten kostte van materiaal dat meer CO2-uitstoot tot gevolg heeft. Past perfect onder het Nationaal Isolatieprogramma tot aan 2030. Een Btw-verlaging van deze bouwmaterialen naar 9 procent heeft zelfs al steun van de sector. Wel de kanttekening dat de sector lobbyt voor gehele verlaging van de Btw op bouwmaterialen, terwijl een meer gerichte verlaging van CO2-arme materialen meer effect zou hebben.

Wennen aan meer dwang en minder keuzevrijheid?

Uit al deze ambities spreekt toch meer dwang en beperkte keuzevrijheid. In de Kamerbrief van 7 juni gaat De Jonge hier nog wat dieper op in. Dwang in de energietransitie moet altijd gezien worden als één instrument. Het doel is niet de dwang op zich, maar een transitie die eerlijker is én kosten effectiever voor meer burgers tot stand kan komen. De gemeenten, die een regierol hebben in deze energietransitie, dit instrument ontnemen zou leiden tot hogere kosten en ironisch genoeg een gedwongen inefficiënt systeem. Hier betalen we ook met zijn allen voor. Dit bedrag kan oplopen tot 5 miljard euro aan extra kosten in infrastructuur tot aan 2050.

Of het nou isoleren of duurzaam verwarmen is, meer dwang is een logisch gevolg van onze eigen gekozen doelstellingen. Het feit dat politici dit nu duidelijker durven te benoemen is een verademing én het eerlijke verhaal.

Meer lezen van Sven Ringelberg? Bezoek dan zijn website Transitiepaden.

Dit bericht delen via:

Gerelateerde artikelen