Met het PAW wil de overheid kennis opdoen over de vraag hoe wijken het beste aardgasvrij gemaakt kunnen worden. Daarbij leren de deelnemende gemeenten al doende hoe een wijkgerichte aanpak kan worden ingericht en opgeschaald.  

Volgens de ondervraagde gemeenten gaat het oplossen van de knelpunten te langzaam. Er is wel wetgeving in de maak, maar die is vaak nog niet afgerond. De roep om meer regie is dan ook niet nieuw, staat in de voortgangsrapportage, maar wordt wel steeds nijpender. Het gaat daarbij ook onder meer om wetgeving over het ontkoppelen van de prijs van gas van die van de warmte. 

Verder geven betrokken wethouders en ambtenaren in de nieuwste rapportage aan dat ze veel tijd kwijt zijn aan de voorbereidingen. Het gaat daarbij onder meer om het vinden van de optimale balans tussen regie, financiële risico’s en betaalbaarheid voor bewoners. Daarbij moeten gemeenten ook rekening houden met de lokale situatie. 

Samenwerking gemeente, coöperaties en VvE’s  

Die lokale situatie gaat onder meer over de samenwerking met bewonerscoöperaties en energiecoöperaties. Dat vraagt volgens de ondervraagde wethouders en ambtenaren om een andere manier van werken. Zo moet veel meer worden gedacht vanuit het perspectief van de burger en is een opgavengerichte aanpak nodig. Ook blijkt het bereiken en meekrijgen van VvE’s en particuliere verhuurders ingewikkeld.  

De proefgemeenten zeggen dat ze bewoners niet alleen benaderen over aardgas, maar in de communicatie ook rekening houden met andere opgaven. Een worsteling is dat de groep meest actieve bewoners eenzijdig is als het gaat om samenstelling. 

Een risico is het tekort aan specialisten. De krappe arbeidsmarkt gooit in sommige gemeenten roet in het eten. Het gaat niet alleen om gespecialiseerde ambtenaren, maar ook om installateurs in de markt. De proeftuingemeenten vragen het Rijk daarom om ondersteuning, zeker met het oog op de opschaling.  

Jaarlijks rondgang langs proeftuingemeenten

Binnen het PAW werken 56 gemeenten aan 64 proeftuinen. Jaarlijks wordt een rondgang gemaakt langs betrokken wethouders en ambtenaren. In de voortgangsrapportage worden vervolgens de aanbevelingen en knelpunten opgesomd. 

Het aantal aardgasvrij gemaakte woningen is gestegen van 642 eind 2020 en 1.197 half 2021 naar 1.805 woningen en 8 utiliteitsgebouwen in mei van dit jaar. Ook zijn nu 500 woningen en 13 utiliteitsgebouwen aardgasvrij-ready.