Advertentie

Consortium werkt aan barrière-brekend smart city-platform

Een internationaal consortium van acht partijen heeft het Smart Lamppost Asset Marketplace project (SLAM) opgericht. Dit digital twin-project bevat een digitaal open omgeving en moet gemeenten en leveranciers ondersteunen bij het opschalen van smart city-toepassingen. SLAM moet dienen als een voorbeeld van effectieve en betrouwbare datadeling.

De slimme lichtmast is een platform waarop veel smart city-toepassingen in de openbare ruimte kunnen samenkomen. Het lijkt op een standaard lantaarnpaal, maar het is een kapstok voor Internet of Things. Internet of Things beslaat alle apparaten die met het internet verbonden zijn en zo met elkaar communiceren. Voorbeelden hiervan zijn sensoren die luchtkwaliteit meten, slimme adaptieve verlichting en oplaadpunten voor elektrisch vervoer.

In de openbare ruimte van de slimme stad is veel mogelijk met dergelijke toepassingen, zeker met de komst van 5G-frequenties die met snellere verbindingen nog meer slimme toepassingen faciliteren. In een slimme lichtmast kunnen IoT-toepassingen netjes worden weggewerkt voor een net straatbeeld. Tegelijkertijd roept een concept als de slimme lichtmast veel vragen op over hoe die processen geregeld zijn. Wie is eigenaar van de data? Hoe wordt omgegaan met de privacy-gevoeligheid en is er nagedacht over de ethische consequenties van sensoren en camera’s?

Ambtenaar huiverig voor IoT

Ook gemeenten zitten met die worsteling. ‘De ambtenaar vindt het eng om sensoren op te hangen omdat er veel zaken bij komen kijken,’ zegt Arjen Hof. De technisch directeur van het smart city-platform WeCity noemt onder andere de gevoeligheid rondom data en privacy, maar ook discussies over beheerkosten, elektriciteitsaansluiting en wie verantwoordelijkheid draagt in het geval van missers door de technologie. ‘Hierdoor krijgen bedrijven met goede smart city-oplossingen maar moeilijk voet aan de grond bij een gemeente. Die houden vaak de boot af uit voorzorg.

Hij legt uit dat veel smart city-projecten met een kip-ei situatie te maken hebben. ‘We kunnen heel veel interessante use cases verzinnen, maar de waarborging blijft een terechte zorg. Dat houdt de implementatie van meer IoT-toepassingen in de openbare ruimte vaak tegen,’ aldus Hof.

Om die impasse te doorbreken, start een consortium van acht bedrijven waaronder WeCity het SLAM-project. Het initiatief moet overheden de controle geven over IoT-oplossingen in de openbare ruimte en bedrijven inzicht geven in waar er bij gemeenten ruimte is voor nieuwe toepassingen. Dit gebeurt met een digitaal platform. Dit is deels een smart city-catalogus, deels een digital twin van Argaleo waarmee in een driedimensionale versie van een stad verschillende databronnen kunnen worden weergegeven. Het platform is gebaseerd op open standaarden van consortiumpartners FIWARE, TM Forum en iSHARE.

(tekst loopt door onder de beelden)

Een visuele uitleg van hoe het SLAM-platform werkt voor gemeente en leverancier. Bron: WeCity

Een voorbeeld van wat een gebruiker van het SLAM-platform ziet. Beeld: WeCity

Oplossing aan twee kanten

‘Het is een oplossing aan twee kanten,’ aldus Hof. Gemeenten kunnen op het platform laten registreren waar slimme toepassingen al hangen en zo inzicht krijgen in hun eigen smart city. Op basis van die informatie, die voor hen visueel wordt gemaakt, kunnen zij aangeven op welke plekken in hun stad nog ruimte is voor nieuwe toepassingen en welke toepassingen zij wenselijk vinden. Leveranciers, groot en klein, kunnen zo in één oogopslag zien waar voor hen kansen liggen om diensten aan te bieden.

Hof: ‘Een gemeente kan zo gemakkelijk via ons platform een offerte en informatie over datastandaarden aanvragen over een leverancier. De oplossingen worden door ons getoetst op criteria en of ze gebruik maken van een open standaard. Dat doen we met ons Assesment Framework.’

Voor leveranciers geldt zo dat zij niet onnodig hoeven aan te kloppen bij gemeentelijke afdelingen als ze niet voldoen aan gemeentelijke eisen. Volgens Hof is dat nu vaak nog ingewikkeld, omdat veel gemeenten geen centraal aanspreekpunt hebben voor digitale innovaties. Die innovaties kunnen ook vaak overlappen met verschillende gemeentelijke afdelingen.

Het voorbeeld van de slimme lichtmast beeldt dat goed uit: een laadpunt en slimme verlichting kunnen in dezelfde lichtmast worden bevestigd, toch zijn de afdelingen voor mobiliteit en arealen gescheiden silo's binnen de gemeentelijke organisatie.

Keten anders vormgeven

Het doel van het consortium is om door de hele smart city-keten, van het plaatsen van een innovatie tot aan het beheren ervan, de barrières weg te halen. ‘Hiervoor werken drie leveranciers van sensoren als partner mee aan het project om scherp te krijgen hoe zij via het platform hun data zouden doorgeven. Zo testen we hoe dat in de praktijk werkt,’ zegt Hof.

‘We nemen nu de slimme lantaarnpaal als voorbeeld, maar bij alle smart city-toepassingen is het belangrijk dat je de hele keten goed weet te organiseren. Hetzelfde geldt voor het concept van een mobiliteitshub, waar je ook verschillende digitale toepassingen op elkaar aansluit’, aldus de technisch directeur. In alle gevallen waarbij procesmatige hobbels innovatie tegenhouden, zegt Hof, moeten andere manieren worden gevonden om de keten vorm te geven.

De slimme lantaarnpaal leent zich in ieder geval voor een goede start voor het consortium, dat met een subsidie van het platform I4Trust kan testen of hun platform gemeenten en leveranciers dichterbij elkaar brengt. Hof: ‘De smart city bereik je pas als je het hebt over mensen en processen. Technisch is alles al wel mogelijk, maar het gaat juist om het stroomlijnen van taaie processen.’

Dit bericht delen via:

Gerelateerde artikelen