Digitalisering is (lokale) politiek

Op alle belangrijke en nog veel meer onbelangrijke dingen in het leven voeren we politiek. Lokaal, provinciaal en nationaal. We kunnen links of rechts of in het midden of lokaal zijn op vanalles en nog wat. Op klimaatgebied, de winkelleegstand, armoedebestrijding, schooluitval. Dan is het best opvallend dat er heel weinig politiek wordt gevoerd als het gaat om digitalisering en technologisering.

Daarvoor bestaan verschillende redenen. Ten eerste zijn er nog te weinig (lokale) politici die zich bewust zijn van de impact van digitalisering op de samenleving. Dus niet de techniek zelf, maar de manier waarop die techniek de samenleving radicaal aan het veranderen is. En dat je daar dus wat van kan vinden. Omdat je als politicus een beeld hebt bij de samenleving. Als we kijken naar de Tweede Kamer is het aantal Kamerleden dat écht verstand van zaken heeft op de vingers van twee handen te tellen en daarvan verlaat ten minste één hand de Kamer na de komende verkiezingen. Maar wel met achterlating van een Vaste Kamercommissie over digitalisering in de volgende kabinetsperiode. Dus dat is winst.

Een andere reden is dat het een relatief nieuw onderwerp is. Goed, internet bestaat al 25 jaar, maar slechts weinigen voorspelden deze impact. En het point-of-no-return zijn we misschien nog maar een jaar of acht geleden overgestoken. Het is ook weer niet zo lang geleden dat netwerken belangrijker werden dan losse apparaten. Sindsdien leven we in een netwerksamenleving en daar is nog niet iedereen van doordrongen. Dat is erg, maar ook wel begrijpelijk. Het is best lastig om te beseffen dat de wereld onomkeerbaar is veranderd.

Zelfs als je het snapt, is het lastig om politiek te bedrijven op dit onderwerp. Want je kunt lang niet altijd overzien of voorzien wat de effecten zijn op de langere termijn. Stel: je vindt dat alle data open moeten zijn, wat houdt dat dan concreet in? Wie hebben daar dan voordeel van en wie ondervinden de nadelen? Is het zegen of de gewone man of wordt hij slaaf van grote dataverzamelaars? Hoe kun je vervolgens met goed fatsoen een politiek standpunt innemen op iets dat zo complex is? Dan is het aantrekkelijk om te zeggen dat dit zo groot is dat we er geen politiek op moeten voeren. Maar dat moet wel. Want immers op alles wat belangrijk is, voeren we politiek. Pas als er debat over is, wordt het serieus genomen.

Gelukkig vinden steeds meer politieke partijen dat ook. De partijprogramma’s voor de Tweede Kamerverkiezingen van zowel CDA, PvdA als D66 behandelen het onderwerp in hun (concept)programma. Een voorbeeld dat overgenomen moet worden door de lokale partijen. Want in 2022 gaan we stemmen over hoeveel sensoren we in de straat willen, welke software we willen gebruiken om armoede te voorspellen, welke algoritmen bepalen hoe het vuilnis wordt opgehaald en wat de invloed van inwoners daarop is. Dan is het handig om te weten wat de lokale partijen er van vinden. Voor iedereen die meeschrijft aan zo’n verkiezingsprogramma, is er werk aan de winkel.

Jan-Willem Wesselink is programmamanager Future City Foundation en kwartiermaker City Deal ‘Een slimme stad, zo doe je dat

De app van Stadszaken is gratis te downloaden via de Google Play Store en de App Store van Apple. Met de app heb je nieuws, opiniestukken en achtergrondverhalen over de fysieke inrichting van Nederland in een vloek en een zucht op het scherm van je smartphone of tablet. Een must-have voor de RO-professional en de liefhebbers van stedelijke en ruimtelijke trends.
Dit bericht delen via:

Gerelateerde artikelen