Foto: Wikimedia

Een toekomstschets van onze mobiliteit

Hoe ziet de toekomst van onze mobiliteit eruit? Het Kenninstituut voor Mobiliteitsbeleid (KiM) komt met een prognose voor de komende jaren, waarin de coronacrisis en trends van het afgelopen decennium zijn meegenomen. Stadszaken zet een aantal cijfers op een rij.

Als gevolg van de coronacrisis en de daarmee samenhangende maatregelen is het verkeersvolume op het hoofdwegennet in de eerste drie kwartalen van 2020 circa zeventien procent lager dan over dezelfde kwartalen van 2019 en het reistijdverlies 41% lager. Desondanks zal in 2025 het verkeervolume boven dat van 2019 uitkomen. Zowel in de basisverkenning als in het dieperdalscenario (rekening gehouden met contactbeperkingen door Covid-19). Voor het totale wegverkeer op Nederlands grondgebied is de verwachting dat in 2025 het volume 1% (DD) tot 5½% (BV) hoger is dan in 2019.

De toename na de coronadip in 2020 wordt vooral veroorzaakt door de economische groei en het groeiend aantal inwoners. De verwachting dat er als uitvloeisel van de coronacrisis ook op langere termijn meer digitaal gewerkt, vergaderd en geleerd wordt, remt de groei van het verkeersvolume en het reistijdverlies.

Uitbreiding van de wegcapaciteit in de periode tot en met 2025 zal de verwachte groei van het wegverkeer op het hoofdwegennet slechts gedeeltelijk kunnen opvangen. Daar staat tegenover dat , door online werken, het aandeel van de spitsen in het totale wegverkeer afneemt in vergelijking met 2019. Het totale reistijdverlies op het hoofdwegennet zal hierdoor in 2025 in de basisverkenning naar verwachting 20% hoger zijn dan in 2019. In het dieperdalscenario komt het totale reistijdverlies op het hoofdwegennet pas in 2025 weer op hetzelfde niveau als in 2019.

Openbaar vervoer

Zodra de coronamaatregelen van de baan zijn, zal het ov-gebruik weer groeien. Het KiM verwacht dat het tot minimaal 2025 duurt voordat het niveau van 2019 weer bereikt wordt. Op middellange termijn is de verwachting dat sommige mensen een ander mobiliteitsgedrag gaan vertonen dan in het recente verleden door ervaringen tijdens de coronacrisis. De autonome groei zal gedempt worden als er meer digitaal gewerkt wordt. Voor het openbaar vervoer verwacht het KiM dat sommige voormalige ov-gebruikers zullen kiezen voor individuele vervoerwijzen zoals auto en (e-)fiets. Het ov-gebruik komt in de basisverkenning in 2025 weer op het niveau van 2019 uit en in het dieperdalscenario ligt het cijfer in 2025 nog 8% onder dat van 2019. De autonome groei in de jaren 2020-2025 komt vooral door een groeiende bevolking en kwaliteitsverbeteringen van het openbaar vervoer.

Fiets

Voor 2025 is de verwachting dat het fietsgebruik 3% (DD) tot 4½% (BV) hoger is dan in 2019. De groei in de basisverkenning is ook weer een gevolg van een bevolkingstoename, maar heeft ook te maken met een trendmatige toename van de gemiddelde afgelegde fietsafstand per persoon en verschuiving van ov naar fiets. Een rem in de toename zit ‘m wederom in het thuiswerken.  De toename van de afgelegde afstand komt door het toenemende gebruik van de elektrische fiets.

Luchtvaart

In de basisverkenning verwacht het KiM een totaal van 86 miljoen luchtvaartreizigers voor 2025, 6% meer dan in 2019. In het dieperdalscenario wordt in 2025 hetzelfde niveau als in 2019 bereikt: 81 miljoen luchtvaartreizigers.

Goederen (weg, binnenvaart, spoor, pijpleiding, zeevaart en luchtvaart)

De verwachting is dat het goederenvervoervolume in 2025 in geen van beide scenario’s het niveau bereikt van 2019. Het vervoerd gewicht ligt in 2025 3% in de basisverkenning en 10% onder het niveau van 2019 bij het dieperdalscenario (DD). De afgelegde afstand van de goederen op Nederlands grondgebied (in ton per km) is in 2025 voor BV en DD respectievelijk 5% en 11% lager dan in 2019.

Ondanks de toename van het aantal bestelde pakketjes, heeft de coronacrisis een grote impact op het goederenvervoer. Toch is het virus niet de enige factor bij de afname van het goederenvervoer. Specifieke ontwikkelingen, zoals de energietransitie en de bouwbeperkingen als gevolg van de stikstof-maatregelen, zijn van belang naast de algemene economische ontwikkeling. De energietransitie heeft vooral invloed op de overslag in de zeehavens van droge en natte energiedragers zoals steenkolen, aardolie(-producten), biomassa en LNG. Ook heeft de stikstofcrisis effect op de hoeveelheid grind, grond, zand dat vervoerd wordt.

Het KiM heeft de prognoses op basis van verschillende betrouwbare bronnen gebaseerd, maar benadrukt dat cijfers in de komende jaren toch kunnen afwijken. Andere grote factoren in de toekomst en de onzekerheid over bijvoorbeeld brandstofprijzen kunnen de toekomst andere horizon geven dan nu wordt geschetst. Klik hier voor meer cijfers, een toelichting en de meetmethode.

Dit bericht delen via:

Gerelateerde artikelen