Foto: Pixabay

Proeftuinen: rapport Algemene Rekenkamer ‘onvolledig’

Het rapport van de Algemene Rekenkamer over het Programma Aardgasvrije Wijken (PAW) is onvolledig. Dat zeggen de 27 proeftuinen vrijdag in een reactie. In mei oordeelde de rekenkamer dat het PAW in de huidige vorm onvoldoende bijdraagt aan de doelstellingen om wijken aardgasvrij te maken.

Volgens de Algemene Rekenkamer stelde Ollongren te hoge verwachtingen in het aardgasvrij maken van wijken. De rekenkamer constateert in het verantwoordingsonderzoek 2019 dat het bestedingsplan, de begrotingen, het jaarverslag van het Ministerie van BZK en antwoorden op Kamervragen telkens andere doelen noemen. Het plan was om na de periode 2018-2019 ruim 2.000 woningen aardgasvrij te hebben gemaakt, een doel dat niet werd behaald. Daarnaast zou het erop lijken dat bij de start van het Programma Aardgasvrije Wijken sprake was van ‘geld zoekt plan’.

Antwoord op vragen

De 27 proeftuinen zeggen in een reactie niet te zijn gevraagd naar hun mening. Met de brief willen zij de ontbrekende informatie aanvullen, door antwoord te geven op vragen die de rekenkamer in het rapport stelt, bijvoorbeeld de vraag of de gemeentelijke plannen zouden zijn doorgegaan zonder de PAW-bijdrage. Niet op deze manier en in deze omvang, zegt wethouder Claudio Bruggink van de gemeente Hengelo mede namens de andere deelnemende gemeenten. ‘De PAW-bijdrage is een belangrijke steun in de rug die er toe heeft geleid dat we uit de startblokken zijn gekomen. Een bijdrage die onontbeerlijk is voor innovaties en versnelling. Zonder deze bijdrage was de lokale samenwerking niet zo ver gekomen, waren projectorganisaties voor deze en volgende wijken niet ingericht, gingen we minder frequent de buurt in om bewoners te informeren over klimaatdoelen en zaten we niet aan keukentafels om met onze inwoners te praten over wat aardgasvrij betekent.’

'Zonder deze bijdrage was de lokale samenwerking niet zo ver gekomen'

Daarnaast gaan de proeftuinen in op de vraag of de decentralisatie-uitkering wel wordt ingezet voor het beoogde beleid en de haalbaarheid en betaalbaarheid. Een rondgang langs de PAW-gemeenten levert geen aanwijzingen op dat deze uitkering niet doelmatig en doeltreffend wordt besteed, aldus de verklaring.

En omschakelen, dat heeft tijd nodig, zegt Hengelose PAW-projectleider Remko Cremers. ‘We willen dat de overstap naar aardgasvrij voor onze inwoners én partners in de stad haalbaar en betaalbaar is. Dat is niet iets dat we even in een paar jaar regelen.’ De deelnemende gemeenten vragen het kabinet ruimte om maximaal te leren en experimenteren, zegt Cremers. ‘En om met ons in gesprek te blijven over onze opgedane ervaringen, de benodigde randvoorwaarden op landelijk niveau en de wijze waarop we samen de kosten kunnen verlagen en de maatschappelijke acceptatie kunnen vergroten. Samenwerken, blijven leren en experimenteren en een inclusieve aanpak blijven noodzakelijk om de warmtetransitie voor iedereen haalbaar en betaalbaar te maken.’

Koersen op 2030 en 2050

De kritiek op het niet bereiken van de doelstelling om 2.000 woningen aardgasvrij te maken, valt nogal weg tegen de totaalopgave van 1,5 miljoen woningen in 2030, zegt Donald van den Akker van kennis- en netwerkorganisatie Platform31 in een reactie op het oordeel van de rekenkamer – Platform31 is overigens niet betrokken bij bovenstaand initiatief. Natuurlijk is de aanpak nog niet perfect. Maar het PAW is dan ook een ware transitie. ‘En hoewel we er al lang over praten en nadenken, staan we nog maar aan het begin van het daadwerkelijke uitvoeren van deze transitie.’

In het Klimaatakkoord zijn doelen opgenomen (o.a. in 2050 7 miljoen woningen van het gas af, met als tussenstap 1,5 miljoen woningen verduurzaamd in 2030, red.) en daar wordt nog steeds op gekoerst, zegt Van den Akker in een reactie aan Stadszaken. ‘Daartussen nog kleinere piketpaaltjes plaatsen is naar mijn idee de dood in de pot. Het belangrijkste is het PAW een leerprogramma te laten zijn. Besef ook dat er nog heel weinig is; kennis en instrumenten ontbreken nog.’

Tweede ronde

Waar proeftuinen tegenaanlopen, is situatie-afhankelijk, zegt Van den Akker. ‘Een ander aspect is dat in de eerste ronde op verscheidenheid geselecteerd is. Het stond destijds redelijk open waar proeftuinen aan moesten voldoen. Utiliteitsbouw bijvoorbeeld was niet specifiek meegenomen. Terwijl aardgasvrij niet alleen om woningen gaat. Aan de tweede ronde wordt daarom meer richting gegeven en dan wordt er onder meer aandacht besteed aan utiliteitsbouw. Het is een typisch geval "al doende leert men".'

Lees hier het oordeel van de Algemene Rekenkamer: Aardgasvrije wijken: Ollongren wekte te hoge verwachtingen

Dit bericht delen via:

Gerelateerde artikelen